Eerste Wereldoorlog (1914-1920)

Je hebt ongetwijfeld al foto's gezien van familieleden van jou in een militair uniform van de Eerste Wereldoorlog. Het zijn individuele portretten gemaakt in een studio, of groepsfoto's waarop kameraden te zien zijn tijdens hun opleiding of in hun vrije tijd. De foto's getuigen van militaire kameraadschap en trots, van blijdschap en ernst, van trouw en plichtsvervulling.

Heb je je ooit de vraag gesteld of deze foto's wel de oorlog documenteren die we de Eerste Wereldoorlog noemen? Merk je aan je voorouders hoe de oorlog hun leven overhoophaalde?

Erster

De inwoners van de arrondissementen Eupen en Malmedy vochten tijdens de Eerste Wereldoorlog voor het Duitse keizerrijk, omdat ze er in die tijd nog deel van uitmaakten. Bron: Rijksarchief Eupen

De Eerste Wereldoorlog is de grootste catastrofe van de 20e eeuw. Die oorlog veranderde de wereld op dramatische wijze. Maar alleen als je de oorlogspropaganda analyseert, merk je hoe de propaganda mensen manipuleert, de media als politiek instrument gebruikt en vijandbeelden vormt en verspreidt.

Een blik op het huidige Ostbelgien (Oost-België) als grensregio leert ons dat de herinnering aan deze gebeurtenis erg gevarieerd kan zijn. Voor Vlamingen, Walen en Brusselaars is de Eerste Wereldoorlog nog altijd de "Grote Oorlog": Nadat Duitse troepen in 1914 het land - dat neutraal was - waren binnengevallen, begingen de Duitsers oorlogsmisdaden (zoals het doodschieten van ongeveer 6000 burgers). De Duitsers brandden dorpen en steden plat, deporteerden duizenden Belgische dwangarbeiders en lieten Belgische gemeenten opdraaien voor de kosten van de bezetting. De bevolking lieten ze verhongeren. Bovendien werd de oorlog vier jaar lang in delen van België uitgevochten en werden deze gebieden grotendeels in puin gelegd. Deze ervaringen nestelden zich diep in de collectieve herinnering van de Belgen.

De huidige Duitstalige Belgen herinneren zich de oorlog echter helemaal anders. Toen dit conflict losbarstte, hadden ze bijna honderd jaar deel uitgemaakt van het Koninkrijk Pruisen of het Duitse Rijk. De mensen voelden zich Duitse onderdanen. Zelfs de meeste Walen in en rond de stad Malmédy zagen zichzelf als patriottische Pruisische Walen.

Via het legerkamp in Elsenborn en het hele Duits-Belgische grensgebied trokken de Duitse troepen in augustus 1914 naar het front. Aan de zijde van de Duitsers vochten ook soldaten uit de arrondissementen Eupen en Malmédy mee. Voor 1914 waren er om strategische redenen verschillende spoorlijnen aangelegd in de richting van het westen. Over die spoorlijnen werden nu duizenden soldaten getransporteerd en voorraden naar het front gebracht. De oorlog was voor iedereen merkbaar: troepen trokken door het land, werden ingekwartierd en in de streek werden lazaretten opgericht. Zelfs de artilleriebeschieting van de forten van Luik was voor veel inwoners van de grensarrondissementen aan het begin van de oorlog hoorbaar.

Krankenlager

Hoewel het huidige Oost-België niet het schouwtoneel van de Eerste Wereldoorlog was, waren deze gebieden nauw met het front verbonden. Onder meer de talrijke oorlogsverminkten maken dit duidelijk. Bron: Rijksarchief Eupen

 

Van in het begin van de oorlog speelde de propaganda een belangrijke rol. De Duitse keizer en de politici bezwoeren in de lokale pers de eenheid van het volk. De militaire acties van het Duitse leger werden verheerlijkt. De tegenstander werd belachelijk gemaakt of als ongevaarlijk of achterbaks afgeschilderd. Rechtstreekse getuigen van vermeende Belgische gruwelijkheden werden verzocht om zich te melden op het gemeentehuis van het arrondissement Malmédy en er hun getuigenissen te laten optekenen.

Al in 1914 werden Duitsers opgeroepen om oorlogsverzekeringen af te sluiten of in te tekenen op oorlogsleningen. De Vaterländische Frauenverein (VFV) verzamelde voor de soldaten geschenken, zogenaamde "liefdegiften", die per trein werden verstuurd. Over het resultaat werd uitgebreid verslag uitgebracht in de pers. "Het is de plicht van elke Duitse onderdaan om het goud dat hij bezit over te maken aan de openbare kassen, de post of de spaarbanken, zodat deze het kunnen overdragen aan de Reichsbank", luidde het in een andere oproep.

De oorlog werd nog meer voelbaar toen jonge mannen werden opgeroepen voor het Duitse leger. In de pers en de gemeentehuizen waren er echter ook oproepen gericht aan vrijwilligers en werd meegedeeld dat lijsten van verliezen geraadpleegd konden worden bij de overheidsinstanties, en dat opgeroepenen werden vrijgesteld van belastingen. De keizer kondigde aan dat deserteurs en emigranten genade zou worden verleend als ze zich aanmeldden voor het leger. De steeds langer wordende lijsten van gesneuvelde soldaten en het stijgende aantal overlijdensberichten van de gevallenen gaven de oorlog veel gezichten in de lokale pers. In totaal kostte de Eerste Wereldoorlog het leven aan 17 miljoen mensen. 766 soldaten uit het arrondissement Eupen en 1082 uit het arrondissement Malmédy kwamen om het leven, in totaal 1.848 gesneuvelde soldaten.

Soldaten

Talrijke jonge mannen uit het huidige Oost-België streden mee in de Eerste Wereldoorlog. Na de oorlog waren velen van hen psychisch en fysiek gewond. Bron: Rijksarchief Eupen

 

In 1916 werd het Hindenburg-programma goedgekeurd. De Duitse economie draaide nu volledig in dienst van de oorlog. Bovendien waren de oogsten in 1916 en 1917 buitengewoon slecht, waardoor de oorlog nu voor elke burger zichtbaar werd - ook op het platteland. De bevolking kreeg aanzienlijk minder eten en iedereen moest nu bijdragen tot de oorlog. Zelfs kinderen werden in klasverband altijd weer ingezet bij de aardappel- of bietenoogst of moesten onder meer beukennootjes, paddenstoelen en bessen verzamelen.

Het front werd steeds nauwer vervlochten met de heimat. Aan het oorlogsfront vochten de soldaten, op het thuisfront werkten de thuisblijvers voor de frontsoldaten en offerden ze veel zaken op. Alles was ondergeschikt aan het succes van de strijdende troepen. De veldpost werd de meest praktische en belangrijkste verbinding.

Over het lot van de Belgische, Luxemburgse of Nederlandse buren en hun leed en hoop werd helemaal niets verteld. Dat gold echter niet alleen tijdens de oorlog, want ook erna had iedereen vooral oog voor het eigen geleden leed.

Musterung

Voor de inlijving in de militaire dienst werden de mannen gekeurd, zoals hier in Losheim. Bron: Zwischen Venn und Schneifel

 

De herinnering aan de Eerste Wereldoorlog is in Ostbelgien de laatste decennia fundamenteel veranderd. Misschien heeft 11 november hiertoe bijgedragen. Die dag is een voorbeeld van de verscheurdheid van de Oost-Belgen. Als Dag van de Wapenstilstand is hij in België, Frankrijk en Luxemburg een wettelijke feestdag, maar natuurlijk niet in Duitsland. Op die dag worden de slachtoffers van de Eerste Wereldoorlog herdacht. Dat gebeurt in Ostbelgien steeds meer vanuit een Belgisch perspectief. In het Rijnland wordt deze dag daarentegen gevierd als de officiële start van het carnavalseizoen. Een groot aantal Oost-Belgen viert dit begin vooral in Keulen, maar ook in Oost-België. Dat verdringt echter de grondgedachte van deze officiële feestdag. Anders gezegd: de voorouders van de Oost-Belgen verloren deze oorlog. Op deze herdenkingsdag vieren hun nakomelingen als Belgen echter uitgelaten het begin van carnaval.

Er bestaan duizenden foto's van de Eerste Wereldoorlog. Maar waar zijn de foto's van de toenmalige vijanden, van de Fransen, de Engelsen, Russen of Belgen in de privéalbums gebleven? Je merkt hoe gemakkelijk media en groepen "gebruikt" kunnen worden om een zogezegd hoger doel te bereiken. Stel je eens voor dat jij en de mensen van je geboortejaar worden gevraagd om mee te vechten in een oorlog. Zouden wij vandaag niet even naïef ten strijde trekken als de jonge mannen, vrouwen en gezinnen in 1914? Of zouden wij wel beter weten? Hoe kunnen we vandaag de dag propaganda herkennen en ons ertegen beschermen?

 

Leestips:

Philippe Beck, et. al.: Vom Europäischen Krieg zum Weltkrieg. Militär und Kriegserfahrung während 130 Jahren [= Van de Europese oorlog tot de wereldoorlog. Legers en oorlogservaringen gedurende 130 jaar], in Carlo Lejeune (uitg.): Grenzerfahrungen. Eine Geschichte der Deutschsprachigen Gemeinschaft Belgiens. [= Grenservaringen. Een geschiedenis van de Duitstalige Gemeenschap van België]. Code Civil, beschleunigte Moderne, Dynamiken des Beharrens (1794-1919) [= Code Civil, versnelde moderniteit, dynamiek van vasthoudendheid (1794-1919)]. Eupen 2016, p. 50-76.

Bernhard Liemann: "Ein besonderes Schauspiel wurde uns geboten." Zivile Kriegserfahrung in der deutsch-belgischen Grenzregion 1914 [= Er werd ons een bijzonder spektakel aangeboden. Oorlogservaring van burgers in de Duits-Belgische grensstreek in 1914], in Peter M. Quadflieg, Christoph Rass (uitg.): Kriegserfahrung im Grenzland. [= Oorlogservaringen in het grensgebied.] Perspektiven auf das 20. Jahrhundert zwischen Maas und Rhein [= Perspectieven op de 20e eeuw tussen de Maas en de Rijn], Aken 2014 (Aachener Studien zur Wirtschafts- und Sozialgeschichte [= Akense studies over de economische en sociale geschiedenis], deel 7), p. 37-63.

www.kriegserfahrungen.be

 

  • 1915

    Bau Sanatorium Eupen